Aanmerkelijk belang

Sinds 1 januari 2010 is het mogelijk om bij schenking van een aanmerkelijk belang (meer dan 5% van de aandelen in een onderneming) gebruik te maken van een doorschuifregeling.

Tot 1 januari 2010 kon dat alleen bij het vererven van een aanmerkelijk belang. De doorschuifregeling bij schenking van aanmerkelijkbelangaandelen geldt alleen voor zover de BV waarvan deze aandelen worden doorgeschoven, een materiële onderneming drijft.

Vererving

Bij vererving van een aanmerkelijk belang geldt vanaf 1 januari 2010 de doorschuifregeling alleen nog voor zover de BV waarvan de aandelen vererven een materiële onderneming drijft. Bij vererving van een aanmerkelijk belang moet dus ter zake van het beleggingsvermogen worden afgerekend.

Dividend
Een tegemoetkoming is opgenomen voor de situatie waarin het beleggingsvermogen kort na het overlijden wordt uitgekeerd in de vorm van dividend. Dit dividend wordt op verzoek niet belast, mits het dividend wordt afgeboekt op de verkrijgingsprijs van de krachtens erfrecht verkregen aandelen. Verder is voor bestaande situaties met houdstermaatschappijen waarvan in het kader van een bedrijfsopvolging de
werkmaatschappij is overgedragen tegen schuldigerkenning een overgangsmaatregel
getroffen.

Verruiming
Voor de situatie dat de aanmerkelijkbelangaandelen worden overgedragen en de
tegenprestatie schuldig wordt gebleven door de verkrijger, is de betalingsregeling per 1 januari 2010 verruimd. Het hoeft niet langer te gaan om overdracht binnen de familiekring.

Uitstel
Verder geldt vanaf 1 januari 2010 een betalingsregeling voor de situatie dat niet de directeurgrootaandeelhouder zelf maar zijn houdstervennootschap de aandelen voor een lagere prijs dan de waarde in het economische verkeer overdraagt. In dat geval is sprake van een belaste dividenduitkering waarop de doorschuifregeling niet kan worden toegepast. Daarom kan voor deze situaties uitstel van betaling worden verkregen voor verschuldigde inkomstenbelasting over deze dividenduitdeling.

Deel deze pagina
| Meer